“Maar ik ben al zo vaak begonnen”

hoe begin je een boek te schrijven  U wilt een boek schrijven maar of het gaat lukken dat is een tweede. Want u bent al zo vaak begonnen. Het was vastlopen, ontmoedigd raken (“het lukt nooit”), na een poosje opnieuw beginnen (“nu lukt het”) en dan toch weer voelen: nee. Wat zegt dat? Mij zegt het: dat u een doorzetter bent.

Alleen doorzetters beginnen steeds weer opnieuw.

Daarmee heeft u dus al bonuspunten verdiend. Over uw steeds opnieuw beginnen wil ik twee opmerkingen maken.

Leren en bijleren

Wanneer u zes, zeven keer opnieuw aan uw boek begint, dan heeft u zes, zeven keer iets bijgeleerd. Over hoe het niet moet, en wat u deze keer anders kunt doen. Tenminste, als u oplet en nadenkt over het kritieke moment waarop het spaak liep. Daar moet u de volgende keer overheen zien te komen. Alleen dan komt u verder. De meeste vastlopers hebben een gebrek aan structuur. Ze beginnen te schrijven volgens de methode ‘go with the flow’, dat is Engels voor ik zie wel waar het schip strandt.

Nou, zonder navigatie strandt elk schip nogal snel. Tenzij het ronddobbert op een oceaan.

Daarom ga ik in mijn jaarcursus uitvoerig in op structuur: wat dat is, hoe u het voor uw plezier inzet en hoe het u helpt. Die jaarcursus begint straks weer. U hoeft niet mee te doen, daar zeg ik het niet om. Maar ’t kan voorkomen  dat u honderd, tweehonderd keer opnieuw begint.

De omgeving

Het beroerde van vaak opnieuw beginnen is dat de omgeving commentaar gaat geven. Over de tijd die het kost, over de zoveelste poging, op verjaardagen worden er al grapjes gemaakt, dat is niet zo prettig. Daarom zeg ik altijd: begin zonder meteen alles te delen met de omgeving. U moet de ruimte hebben om te experimenteren, en daarmee bedoel ik vooral innerlijke ruimte. Dus in het begin gaat u niemand wat laten lezen, u gaat niks bespreken, u heeft tijd voor uzelf nodig om een boekproject te onderzoeken en op te zetten en na een poosje gaat u daar iets meer over vertellen.

Ik heb gemakkelijk praten, mijn huiskater Bertje maakt het niet uit waar ik over schrijf. Maar ik zie boekprojecten sneuvelen omdat andere mensen  zich ermee bemoeien in een veel te vroeg stadium. Dat levert druk op, en zoiets kunt u niet gebruiken.

Dus:

  1. regel ruimte voor uzelf
  2. zorg voor structuur

Een idee voor een boek en dan…

idee voor een boek  U heeft een idee voor een boek. Dat is mooi. Maar met elk goed idee komen ook de twijfels. Is het goed genoeg. Is er al over geschreven. Kan ik er wel een boek over schrijven.

Mij mij slaan de twijfels altijd ’s nachts toe. Dan word ik er speciaal voor wakker, wat niet hoeft, nergens op slaat en toch steeds weer gebeurt. Ik hoop dat uw twijfels tegen half drie ’s middags komen, als u net lekker zit met een kopje thee.

Is uw idee goed genoeg om een boek te schrijven?

Dat zou zomaar kunnen, zeg ik optimistisch. De enige manier om daarachter te komen is – nee, niet meteen gaan schrijven – van uw idee een plan te maken.  Een idee voor een onderwerp: waar begint en eindigt dat onderwerp? Stel, uw idee is: “Ik ga over de Tweede Wereldoorlog schrijven.” Prima idee. Nu dat wat meer begrenzen. Misschien een enkele dag? Ja, dat kan goed genoeg zijn voor een boek. Denk eens aan: Dolle Dinsdag.

Is er al over geschreven?

Deze vraag gaat eigenlijk over een innerlijk moeten van ergens over te schrijven wat nog niemand heeft gedaan. Dan heeft u een moeilijk leven, hoor. Ik denk altijd: alles is al gezegd, maar nog niet door mij.

U kunt uzelf ook afvragen, wat u gaat bijdragen aan de bestaande boeken over uw onderwerp. Misschien net een andere invalshoek, een nieuw gezichtspunt, wat extra gevoel. Over rozen is al bijzonder veel geschreven wereldwijd gezien, en toch verschijnen er voortdurend nieuwe boeken over. Daar kan uw boek ook nog wel bij.

Kan ik er wel een boek over schrijven?

U bedoelt: krijg ik er genoeg kantjes over vol. Nou, niet elk boek hoeft tweehonderd pagina’s te zijn. Er zijn ook kleine boeken. Ga eens in de boekwinkel kijken bij de cadeauboeken.

Als u een klein onderwerp heeft en een dik boek wilt schrijven, dan komt het aan op creativiteit. Voorbeeld: uw linkervoet. Uitgebreid aandacht voor elke teen.  Associaties. Dromen. Symboliek van de voet. Hoe uw linkervoet veranderde in de loop der jaren met daarbij een bespiegeling over de wonderen van het lichaam. Bespiegelingen over de toekomst. Neem hierbij een pocketformaat boek, een brede kantlijn links, rechts, boven en onder, en een grote letter en u zit zo aan de 500 pagina’s, waarbij u nog niet eens aandacht heeft besteed aan het fenomeen teennagels.

Help, het begin van mijn boek lukt niet

het begin  Help, het begin lukt niet. Dat is een klacht die gemakkelijk te verhelpen is. U slaat het begin gewoon over.  Kan dat? Ja, dat kan. Desnoods begint u bij hoofdstuk twee te schrijven. Daar moet ik nog wel iets meer over zeggen.

Staren

Het komt nogal eens voor dat iemand een boek wil schrijven, met enthousiasme en een onderwerp (dat zijn al twee pluspunten), de computer opent en twee uur en drie kwartier zit te staren naar het scherm. Geen woord geschreven. Want ja, het begin. Hoe begin je nou toch.

De fout die hier alles blokkeert is: rekenen op spontaniteit. Zo van ik ging zitten en toen kwam het spontaan.

Spontaan

In het boekenschrijven en in het leven vind ik spontaniteit overschat. Het geldt als reden om elke impuls te volgen, zonder een fractie zelfbeheersing of gezond verstand. “Lekker spontaan” heet het. Ik vind het griezelig, iemand zonder rem of inzicht. Wie vooraf nadenkt, bereikt meer. Wilt u een boek schrijven, dan is er een lange nadenkfase voordat het daadwerkelijke schrijven begint.

Eerst bepaalt u het onderwerp. Waar begint het en waar houdt het op. Dus grenzen stellen, anders schrijft u de encyclopedie van alles. Komt dat ooit af? Neen. Daarna gaat u informatie verzamelen en op het juiste moment in het boek plaatsen. Pas wanneer u begrijpt wat de juiste volgorde is  – en dat is een proces – kunt u de eerste versie van uw manuscript schrijven.

Dat is niet spontaan, klopt.

Begin

Het betekent ook, dat u genoeg te overdenken, te verzamelen en te schrijven heeft na de eerste zin, de eerste alinea of het eerste hoofdstuk.  U laat dat dus gewoon liggen tot u verder in het schrijfproces bent. Dan heeft u meer overzicht en inzicht verkregen. Al doende leert men, en dan leert men ook wat het begin moet zijn.