Leren we van het verleden?

leren we van het verleden
mijn overgrootmoeder

Leren we van het verleden? Ik hoop het. Het is een van de redenen waarom ik boeken schrijf.  Bewaren wat er geweest is. Niet het wiel opnieuw uitvinden. Fouten van vroeger vermijden.

Dus toen ik met deze cursussen begon, dacht ik: het is alleen voor mensen met levenservaring. Die hebben een verhaal waar de nieuwe generaties wat aan kunnen hebben.

Aan uw verhaal kunnen de nieuwe generaties wat hebben

Waarom denk ik dat? Nou,  het ligt voor de hand.

  • Wat doe je als het leven tegenzit en er is geen therapie beschikbaar?
  • Hoe maak je vrienden zonder internet?
  • Waar zoek je iets op als er geen computers zijn?
  • Hoe werken normen en waarden in het dagelijks leven?
  • Kun je ook de weg vinden zonder tom-tom?

Vooral de jaren na de oorlog zijn leerzaam. In die tijd zit er nog volop oorlog in de maatschappij, maar alles en iedereen moest opbouwen en meedoen en zijn of haar plaats kennen en zijn of haar kop dichthouden, pardon voor het taalgebruik.

Maar hoe ging dat dan in het werk?

In de wereld voor het internet konden mensen veel meer zelf

Dat is een van de ontdekkingen: mensen konden zonder internet elkaar vinden of iets leren.  Viel de electriciteit uit, dan wisten ze wat ze moesten doen.

En dat soort lessen maakt het verleden leerzaam en leuk voor de generaties na ons. Ik heb het niet over de grote lessen van het type ‘… en daardoor zal er nooit meer oorlog zijn.’  Dat is me te groot. Het gaat me om leren hoe je moet leven.  Hoe je het beste door de dag komt. Hoe je plannen maakt voor een toekomst, en hoe je contacten met anderen zijn. Omgaan met moeilijkheden. Normen en waarden, daar zijn ze weer.

Daarom ben ik zo verslingerd aan levensverhalen. Ik leer er veel van, ook en vooral als het om mijn eigen familie gaat. Toen ik hoorde dat een overgrootmoederin de na-oorlogse tijd een vliegtuigwrak kocht, moest ik daar erg van lachen. Zij had een tuin. Ik niet. Wie weet wat ik anders die dag op Ebay had gekocht.

Wat is een schrijfplan? (en is dat wel leuk?)

wat is een schrijfplan Een schrijfplan helpt u om van A naar B te komen. Van idee naar uitvoering. Van verlangen naar: “ja, dat boek heb ik geschreven.” U kunt ook gaan zitten en gaan tikken in de hoop dat het boek vanzelf af komt. Vind ik ook goed.

Een schrijfplan biedt zekerheid op een behouden aankomst

Nu weet ik dat veel mensen schrikken van dat woord: schrijfplan. Het klinkt naar moeten en we moeten al zoveel van onszelf en van elkaar. Plus elk plan kan mislukken. Nou, mijn type schrijfplan niet, dat is het mooie ervan. Aan moeten doe ik niet. Wel aan mogen en kunnen.

Dit zit in elk goed schrijfplan voor een boek:

  • De einddatum. Wanneer wilt u dat het af is? Kies een dag in de toekomst die minimaal een jaar verderop ligt. Die dag is voor u bijzonder: u wordt tachtig. Of honderd. Of er is iets in de familie dat die dag belangrijk maakt. Of in de geschiedenis.  Welke dag u ook kiest, het moet voor u persoonlijk noodzakelijk voelen dat het boek er dan is.
  • De omvang van het boek. Ga gemakshalve uit van 200 pagina’s. Tikt u 400 woorden op een pagina, dan heeft u dus 200 kantjes die u gaat volschrijven. Zo heeft u een idee van wat u eigenlijk gaat doen.
  • De schrijftijd. Hoe ziet een dag of een week er bij u uit? U heeft tijd nodig om te schrijven en het is belangrijk te weten  waar die tijd zit voordat u begint. Elke dinsdagmiddag? Iedere ochtend tussen zes en acht uur? Alleen op zondag? Of heeft u meer schrijftijd nodig?

Probeer met deze drie punten een piepklein schrijfplannetje te maken, gewoon op een kladblaadje. Dat streept lekker door. Na een tijdje heeft u een goed plan staan. Dat is een fijn gevoel. Een boek schrijven blijkt dan haalbaar.

Nu komt waarom een schrijfplan zo leuk is:

  • wat ik net al zei, een schrijfplan laat u zien dat het haalbaar is om een boek te schrijven
  • verandert uw leven, dan verandert u gewoon uw schrijfplan

Ik zeg dat heerlijke nog een keer:

Een schrijfplan toont dat een boek schrijven haalbaar is 

 

Hoe kom ik los als ik vast zit?

hoe schrijf ik een boek

“Ik zit vast,” zei mijn vriend B. (80+) somber. Hij had  een paar hoofdstukken over zijn leven geschreven en opeens hield het op. Hoe moest hij verder. Het ging net zo lekker. En nou dit. Dus hij belde mij.

Ik zei: “Je zit niet vast, B. Toen in de oorlog zat je vast, weet je nog?”

B. moest lachen. En ik zei: “Nou gaan we even praten.”

Want ja, lachen is leuk maar daarmee schrijft niemand een boek. B. niet en ik ook al niet. Van het ene moment op het andere geen letter meer kunnen bedenken, dat is beroerd hoor.

Vastlopen is zitten en naar het scherm kijken

Opstaan, weglopen en terugkomen en denken, eerst even dit of dat doen. Uitstelgedrag.

Het is ook voelen: ik kan het niet. Dat gevoel is een symptoom, dus niet de waarheid. Dat zeg ik er alvast even bij. Dus u moet zichzelf niet in de kreukels gooien door te denken dat u een writers block heeft. Welnee. U zit alleen even vast. Dus het is een kwestie van los raken.

Wat werkt is, een duidelijke vraag formuleren

Dus niet gaan mopperen van: Hoe kan het dat ik vast zit, ik het ging net zo lekker, wat moet dat? Maar vraag bijvoorbeeld aan uzelf:

  • Waar begon mijn gevoel van vastlopen?
  • Wanneer zag ik het niet meer zitten?
  • Wat dacht ik net voordat ik dat zinkende gevoel in mijn maag voelde?

Probeer dat moment zo goed mogelijk terug te halen. Denk aan: waar u toen aan werkte, of er thuis iets gebeurde dat ontmoedigend voor u was, kreeg u het moeilijk om wat er een paar hoofdstukken verderop zou gebeuren?

(Misschien gaat uw hoofpersoon dan dood, en dat wilt u liever niet. Maar ja, het is wel zo. Dan helpt het om iets te printen over de geboorte of de eerste levensjaren. Zo is uw hoofdpersoon er weer.)

(Misschien breekt de oorlog twee hoofdstukken verderop uit, en daar kunt u eigenlijk helemaal niet zo goed tegen. Deel dan de moeilijke hoofdstukken op in kleinere stukken en schrijf naar emotionele draagkracht)

Wanneer u de oorzaak weet, bent u al voor de helft los. Nu komt de andere helft, van helemaal los raken en dan weer verder kunnen werken.Daarvoor heeft u een nieuwe vraag nodig.

Een goede vraag helpt los te komen

Bijvoorbeeld:

  • Hoe kan ik het beste verder met het boek?
  • Wat is het belangrijkste dat ik nu met het boek kan doen?
  • Hoe kan ik het probleem het beste oplossen?

U ziet: het zijn geen ja/nee-vragen. Vooral hoe-vragen zetten uw hersenen aan het werk. Zo gaat dat. De hersenen willen antwoorden produceren, en ze gaan leveren. Hou uw notitieboekje klaar. Een goed aanmoedigingsvraagje voor de hersenen is: “Hoe moet het nou echt?”

Zo komt u los. Eerst dat vastlopen reconstrueren. Daarna het losraken in werking zetten. En dan schrijft u weer verder. alsof er niets aan de hand was.

En ja, dat heb ik allemaal tegen B. gezegd, en meer ook want we kennen elkaar al langer. Dus B. schrijft weer door. Daar voel ik me stiekum toch trots op.